Hoe zie jij de wereld? Start jouw persoonlijke ontwikkeling.

Hoe zie jij de wereld? Start jouw persoonlijke ontwikkeling.

Modellen en persoonlijkheidsmetingen: ze kloppen niet, maar ze werken wel

Verslaafd aan het maken van persoonlijkheidstests. Toen ik een jaar of 10 geleden geïnteresseerd raakte in persoonlijke ontwikkeling, raakte al gauw geïntrigeerd door persoonlijkheidstests. Ik deed de ene na de andere opzoek naar een waarheid. En iedere keer weer ontdekte ik iets in mezelf wat van te voren nog onbewust of onverklaard was.

Bij iedere test merkte ik ook dat niet alles helemaal ‘paste’. Niet alle uitkomsten van een test waren honderd procent op mij van toepassing. Ze klopte nooit helemaal, maar ze werkte wel. Ik begon me af te vragen wat de waarde van al deze test nou eigenlijk is? Wat maakt nou dat het zo fijn is om een test te doen? En waarom doen we zo graag een test?

Een oerwoud aan modellen

We willen als mens niets liever dan onszelf en de wereld om ons heen begrijpen. Want als we het kunnen begrijpen, dan kunnen we anticiperen. Met veiligheid en overleven als uiteindelijk doel. Dat maakt dat we altijd opzoek zijn naar antwoorden, in een poging om onszelf en de wereld beter te begrijpen.

Wanneer we onszelf open stellen voor persoonlijke ontwikkeling krijgen we vaak meer vragen dan antwoorden. We gaan dan opzoek naar houvast. Modellen en persoonlijkheidsmetingen kunnen dan helpen om complexe concepten eenvoudiger te maken. De modellen helpen om kaders te stellen voor complexe concepten. Waarom is dat behulpzaam? Omdat de mens en mens-zijn ongelooflijk complex is. En modellen helpen ons om deze complexiteit te behapbaar te maken.

Dit hebben we altijd al gedaan. Eerst werd alles verklaard volgens het goden-model, later werd dit het God-model en de laatste eeuw is het data-model ontstaan. In het godenmodel wordt alles om ons heen verklaard door kosmische krachten (goden). Deze mensachtige superwezens bestierde alles wat op aarde en in de hemel gebeurde. Later ontstond hieruit het God-model, waarin één alwetend superwezen overbleef.

Dankzij de ontwikkeling van de mens, onderzoek en wetenschap is dit model de laatste eeuw vervangen door het data-model. Alles is te verklaren door cijfers en data: meten is weten. En als we iets nog niet kunnen verklaren, hebben we nog niet alle data. In dit data-model wordt ons leven grotendeels gedicteerd door een groot superwezen: het internet. En we valideren ons leven in toenemende mate door onze online aanwezigheid: als iets niet is gedeeld, is het niet gebeurt.

“Via het denkertje”

In dit data-model is het internet onze god en zijn data onze verlossers. Het probleem is dat ons denken, ons brein, daarmee verheven wordt tot iets goddelijks. Het is ons hoofd dat ons definieert, onze gedachten zijn het meest belangrijk en we zitten het grootste gedeelte van onze tijd vast in denkspiraaltjes en hersenspinsels.

Daarmee wil ik niet beweren dat ons hoofd en ons denken niet belangrijk is. Ook bij mij gaan dingen eerst langs ‘mijn denkertje’. Het probleem ontstaat wanneer ik teveel in mijn hoofd blijf hangen en ik de rest van mijn lichaam ga beschouwen als een soort altaar waarop dit ‘heilige hoofd met zijn goddelijke hersens’ rust.

Ik vergeet dat ik een lichaam heb, gevuld met een groot hart en een onderbuikgevoel. Ons gevoel, onze emoties en alles wat daarbij komt kijken, wordt in het data-model gedegradeerd tot iets primitiefs en ondergeschikts. Sonde. Want, hoewel ons bewuste, menselijke brein evolutionair jonger is dan dat deel wat we ook wel ons reptielenbrein wordt genoemd, wil dat niet zeggen dat onze andere aspecten minderwaardig zijn. In tegendeel zelfs. Hoe meer ik leer en ervaar over persoonlijke ontwikkeling en over mens-zijn hoe meer ik ons gevoel en onze emoties ben gaan waarderen.

Hoofd, hart en buik

Bij mij gaat het ook via die route. Nieuwe concepten, ervaringen of ideeën gaan bij via mijn hoofd. Dat wil niet zeggen dat ik niet soms al een onderbuikgevoel heb voordat ik iets cognitief snap. Maar ik wil wel graag kaders hebben waarbinnen ik een bepaald gevoel of emotie kan plaatsen. Dat gaat bij mij ‘via mijn denkertje’ zoals één van mijn docenten ooit tegen me zei. Dit geldt niet voor iedereen. Sommige mensen werkt dat anders. Misschien gaan dingen voor jou eerst via je buik (intuïtie) of juist via je hart (je gevoel).

In de basis kun je vanuit één van de volgende vijf voorkeurshoudingen leven:

  • Intuïtie
  • Realisme
  • Gevoel
  • Ratio
  • Generalist

Weten welke voorkeurshouding je hebt, helpt je om beter te begrijpen hoe je werkt, leert en denkt. De een is niet beter dan de ander, hooguit anders.

Een intuïtief persoon weet vaak van binnenuit wat hij of zij wil. Dit is geen cognitief weten, maar een dieper ‘weten’, een ingeving of inspiratie. Ze zijn creatief, abstract en brainstormen liever dan ze de praktische haalbaarheid overwegen.

Realistische mensen gebruiken bij voorkeur hun vijf basiszintuigen en vormen ideeën op basis van feiten en gegevens. Ze observeren wat om hen heen gebeurt en willen weten wat er precies aan de hand is. Ze hebben vaak een goed oog voor detail.

Gevoelsmensen baseren hun beslissingen op persoonlijke waarden. Ze gaan uit van persoonlijk en subjectieve overwegingen over wat belangrijk voor ze is. Ze zijn invoelend en overwegen de impact van hun beslissingen op anderen.

Rationele mensen redeneren via logische oorzaak-gevolgredenaties. Ze zijn goed instaat afstand te houden van de situatie en maken een objectieve analyse. Ze zijn van nature kritisch.

Generalisten putten uit alle vier de voorgenoemde voorkeuren. Ze zijn instaat om op basis van de situatie één van de vier voorkeurshoudingen aan te nemen. Vaak is één van de voorkeurshoudingen meer ontwikkeld dan de andere.

Hoe ontdek je welke voorkeurshouding jij hebt?

Kijk eens naar de bovengenoemde omschrijvingen. Welke van de vier herken je het meest? Vaak zijn er twee die het best bij je passen. Het kan dan zijn dat je de ene van nature in je hebt en de andere meer aangeleerd is.

Ikzelf ben van nature een realist, maar ik heb heel lang mijn gevoel geleefd. Ik gebruik bij voorkeur mijn zintuigen, ik observeer, ik neem waar wat ik zie, hoor, ruik en voel en ik neem dat ook voor waar. Maar ik heb aangeleerd om meer naar mijn gevoel te luisteren en mezelf daarin te verliezen. Waarom? Omdat ik het nodig had: het was mijn overlevingsstrategie. Als ik zorgde dat ik sensitief genoeg was afgestemd op mijn omgeving en naar mijn gevoel luisterde kon ik voorkomen dat ik gekwetst werd. Ten minste, dat had ik geleerd. Dit werd een onbewust patroon: het gebeurde iedere keer weer.

En nog ben ik heel gevoelig voor spanningen in mijn omgeving. Ik kan feilloos aanvoelen wat ‘r speelt en door mijn sterke waarnemingsvermogen kan ik goed onderscheiden wat er werkelijk aan de hand is. Het maakt ook dat ik goed ben in mijn vak als systemisch en sjamanistisch coach: dat gaat over observeren, waarnemen en uitzoeken wat er werkelijk speelt.

Door het zelfonderzoek van de afgelopen 10 jaar ben ik me hier bewust van geworden. Deze kwaliteiten (en tegelijkertijd mijn valkuilen) zijn er nog steeds. Ik weet nu dat ze er zijn en als een bepaald patroon weer de kop op steekt kan ik steeds sneller en adequater reageren, zodat het patroon minder lang stand houdt.

Zelfreflectie

Echte persoonlijke ontwikkeling start altijd met zelfreflectie. Zelfreflectie gaat over echt naar jezelf kijken, het gaat over de vraag ‘wat maakt dat ik de dingen doe zoals ik ze doe?’ En dat gaat een stuk dieper dan alleen reflectie. Reflectie betekent terugkijken, reflecteren op een situatie. Bijvoorbeeld, “gisteren was ik niet zo aardig tegen die collega. Dat ga ik de volgende keer anders doen”. Bij de zelfreflectie ga je op onderzoek uit naar wat maakte dat jij op die manier reageerde op wat jouw collega zei. Welk deel werd geraakt, waar herken je dat van, welk gevoel of associaties roept dat op. En wat zegt dat over jou?

De Pyramide voor persoonlijke ontwikkeling

Om tot echte zelfreflectie te komen mogen we dan ook dieper graven dan alleen maar kijken naar welk gedrag je laat zien. En in dit graven kom je in de basis 3 niveaus van persoonlijke ontwikkeling tegen. Deze niveaus vormen samen de persoonlijke ontwikkelings-Pyramide.

De Pyramide voor persoonlijke ontwikkeling bestaat uit 3 niveaus: gedrag, intrapsyche, systemisch.
De persoonlijke ontwikkelingspyramide

Je kunt deze Pyramide op twee manieren gebruiken van boven naar beneden of van beneden naar boven. Daarin is geen goed of fout, simpelweg twee routes.

De pyramide is altijd situatieafhankelijk. Dat wil zeggen een bepaalde situatie triggert een bepaald patroon in jou. Het is niet de schuld van de situatie, maar simpelweg de uitwerking van die situatie op jou.

Meer weten over de verschillende niveaus van persoonlijke ontwikkeling? Klik dan even hier. En ben je opzoek naar begeleiding in jouw persoonlijke ontwikkeling? Wellicht dat ik iets voor je kan betekenen.

De 3 Niveaus van Persoonlijke Ontwikkeling

De 3 Niveaus van Persoonlijke Ontwikkeling

De 3 Niveaus van persoonlijke ontwikkeling

Daar ging ik. Ik voelde een enorme energie door mijn lijf stromen. Een ervaring die ik nog nooit eerder had gehad. Mijn lijf deed dingen waar ik geen controle over had. Wat gebeurde hier? Ik had hier wel verhalen over gelezen. Ik was hier nieuwsgierig naar geweest. En iets in me wist dat dit waar was, wat nu gebeurde. Ik kon het alleen niet snappen. Mijn hoofd kon hier niet bij. En toch gebeurde het. Ik zag beelden die ik nog nooit eerder had gezien. Sven, de sjamaan, begeleidde me naar de grond. Mijn hele lijf schokte. Dit was groter dan ik.

Wat dat weekend allemaal gebeurt is, is haast niet te beschrijven. In mijn verhaal over de geboorte van mijn vaderschap ligt ik één aspect van dit bijzondere weekend toe. En ik kan alleen maar op grote lijnen omschrijven wat dat weekend aangeraakt is. Na dit weekend voelde ik de behoefte om te omschrijven wat dit nou eigenlijk was. En daarmee kwam ik op deze 3 niveaus van persoonlijke ontwikkeling.

De Persoonlijke Ontwikkelings-pyramide.

Disclaimer: Ik heb deze niveaus niet zelf bedacht. Ik heb ze alleen samengevoegd tot deze persoonlijke ontwikkelingspyramide.

Je kunt deze Pyramide op twee manieren gebruiken van boven naar beneden of van beneden naar boven. Ook daarin is geen goed of fout, simpelweg twee routes.

De 3 niveaus van persoonlijke ontwikkeling

De pyramide is op gebouwd uit 3 niveaus en is altijd situatieafhankelijk. Dat wil zeggen een bepaalde situatie triggert een bepaald patroon in jou. Het is niet de schuld van de situatie, maar simpelweg de uitwerking van die situatie op jou. Laten we de 3 niveaus van de pyramide eens aflopen van boven naar beneden:

In bepaalde situaties laat je altijd een bepaald gedrag zien. Op dit eerste niveau willen we ons gedrag sturen. We willen gelukkiger zijn, afvallen, meer sporten en productiever zijn. Je kunt gaan proberen dit gedrag te veranderen door tegen jezelf te zeggen: “de volgende keer dat iets vergelijkbaars gebeurt, ga ik ander gedrag laten zien”. Negen van de tien keer lukt dit echter niet. En als het al lukt, vinden we het vaak lastig om dit nieuwe gedrag ook te blijven voortzetten. Als het puntje weer bij het paaltje komt, schiet je toch weer in dat oude vertrouwde patroon. We eindigen weer achter Netflix met een zak chips of worden toch weer boos, verdrietig of zelfs depressief.

Je kunt jezelf vervolgens afvragen, wat in mij maakt nu dat ik iedere keer als dat gebeurt hetzelfde soort gedrag laat zien? Dat is het intrapsychisch niveau. Je onderzoekt dan in jezelf wat er achter dat gedrag zit: welk gevoel, welke emotie of, vaak, welke angst of pijn je wilt vermijden?

Je voelt ‘m misschien al aankomen. Dit intrapsychische niveau heeft ook een oorsprong. En deze oorsprong is daar ‘waar we vandaan komen’, de volwassenen die tijdens onze kindertijd belangrijk voor ons waren, die een significante rol in ons kinderleven gespeeld hebben. Dat is laag drie: het systemisch niveau.

Het systemisch/sjamanistisch niveau: Hocus-pocus?

Dit systemisch niveau is verweven met het sjamanistisch niveau. Dit klinkt erg hocus-pocus, I know. Ik heb dit ook lang verworpen en afgedaan als zweverig, tot ik zelf ging ervaren wat het nu daadwerkelijk inhoudt. Ik leg het uit.

We worden allemaal gevormd door ons systeem van herkomst, door het gezin waarin we geboren worden en door de familie waar we van afstammen. Ervaringen in de eerste 18 jaar van ons leven vormen ons tot de mensen die we uiteindelijk worden.

In dit systeem hebben we een plek. Zodra we geboren worden op deze wereld, ontvangen we ons leven van onze ouders en daar hoeven we in de basis niets voor (terug) te doen. We zijn verbonden aan onze (voor)ouders en ons gezin. Hierin kunnen echter, om allerlei redenen, verstoringen plaatsvinden.

Verstoringen?

Verstoringen in een familiesysteem zijn er in allerlei vormen en maten. We kunnen als kind bijvoorbeeld een plek boven onze ouders innemen, omdat één van onze ouders ziek of op een andere manier behoeftig was. We houden dan niet onze eigen plek, maar de plek van één van onze ouders bezet. De ouder komt daardoor automatisch op de plek van het kind te staan. Het kind voelt zich dan verantwoordelijk over de ouder. Er ontstaat een disbalans tussen geven en nemen, want het kind geeft meer aan de ouder dan de ouder aan het kind.

Op een latere leeftijd kan dit kind problemen krijgen met autoriteit, want hij of zij accepteert simpelweg niet dat iemand anders boven hem of haar gaat staan. Of door de onbalans tussen geven en nemen, geeft deze persoon zich volledig weg en neemt geen ruimte voor zichzelf. Hij of zij heeft immers nooit een plek voor zichzelf ervaren.

Wanneer de oorsprong van een dergelijke verstoring niet binnen het gezin ligt, maar één of meerdere generaties terug, raak je al snel aan het sjamanistisch vlak. Sjamanisme gaat over het gebruik maken van alle informatie die zich voordoet. En gaat uit van een sterkte verbinding tussen jou en al je voorouders. Je bent simpelweg het ‘eindproduct’ van alle mensen voor je.

Ook in de wetenschap wordt hier steeds meer bewijs gevonden. Dit wordt epigentica genoemd. Trauma’s kunnen van generatie op generatie doorgegeven worden. En pas meerdere generaties later aan de oppervlakte komen.

De verbinding tussen mensen vormt het sjamanistisch veld

Het systemisch niveau en het sjamanistisch niveau onderscheiden zich door de grote van de thema’s, maar zijn altijd onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Het systemisch veld gaat over de thema’s die voor die persoon en zijn of haar systeem gelden. Met een systemisch veld bedoelen we alle individuen die onderdeel uit maken van een familiesysteem. En ieder mens heeft dus zijn eigen systemisch veld. Deze mensen, en dus deze velden, zijn aan elkaar verbonden. En alle mensen samen – alle individuele systemische velden – vormen het grote sjamanistische veld.

Niet gek dus dat grote universele thema’s zoals ‘de schuld van de man’, ‘de verhouding tussen moeder en zoon’ en ‘de soevereine (schuldeloze/hulpeloze) vrouw’ terug te vinden zijn in kleinere velden van ons allemaal.

Echt zelfonderzoek gaat over het zoeken naar onszelf op het raakvlak tussen intrapsychische en systemisch/sjamanistisch niveau. Dus, wat in mij maakt dat ik de dingen doe zoals ik ze doe? En wat ligt daaraan ten grondslag?

Dit zelfonderzoek moeten we zelf doen niet alleen.

Durf jij het aan om echt naar jezelf te kijken? Wat in jou mag nu gezien worden? Ik heb nog een paar plekken vrij op mijn ‘Ontdek je Kracht’-dagen. Zodat je deze zomer kunt gebruiken om echt aan jezelf te werken.